EEA wordt 25: voortbouwen op ervaring voor een duurzaam Europa

Taal wijzigen:
Article Gepubliceerd 16-07-2019 Laatst gewijzigd 10-12-2019
5 min read
Hoe ziet het milieu van Europa er over 25 jaar uit? Gaat het ons lukken om onze gemeenschappelijke visie ‘Goed leven, binnen de grenzen van onze planeet’ te verwezenlijken? Gaat het ons lukken de klimaatverandering te beperken en klimaatbestendige steden te bouwen, omgeven door gezonde natuur? Getuige de onlangs gehouden verkiezingen voor het Europees Parlement maken steeds meer Europeanen zich zorgen. Bovendien roept Europa's volgende generatie op om nu in actie te komen en dringt zij aan op een duurzame toekomst. Maar welke invloed gaat dit hebben op het milieu- en sociaaleconomisch beleid van Europa? Op onze 25e verjaardag staan wij erbij stil hoe de kennis en het beleid van Europa op milieugebied zich de afgelopen 25 jaar hebben ontwikkeld en hoe EEA, samen met zijn netwerken, de inspanningen met het oog op duurzaamheid de komende 25 jaar kan ondersteunen.

Beleid: van specifiek naar systemisch

Aanvankelijk waren milieubewustzijn en hoe dit in beleidsvorming tot uitdrukking kwam, gericht op afzonderlijke vraagstukken, zoals zure regen, chemische verontreiniging van waterlichamen of de snelle achteruitgang van bijenpopulaties, en de gevolgen daarvan voor de volksgezondheid en de economie. Vanaf de jaren 1970 stemden de lidstaten van de Europese Unie hun beleid steeds meer op elkaar af, omdat het inzicht groeide dat grensoverschrijdende milieuproblemen, zoals lucht- of watervervuiling, om gezamenlijk optreden vragen.

In deze periode van bijna 50 jaar hebben de landen van de EU gaandeweg hun gezamenlijke aanpak uitgebreid en hun ambities opgeschroefd. Naarmate het bewustzijn van milieuproblemen toenam, werd duidelijk dat milieuvraagstukken moesten worden geïntegreerd in overkoepelend beleid – zowel in Europa als wereldwijd. In de Europese Unie zijn klimaat- en energiebeleid nu nauw verbonden en is het mobiliteitsbeleid onderdeel geworden van een bredere langetermijnvisie op een klimaatneutrale economie tegen 2050.

In beleidsdiscussies werd het steeds duidelijker dat betrouwbare informatie over het milieu onontbeerlijk is voor de vormgeving en uitvoering van doeltreffend beleid.

 

Kennis: dieper en breder inzicht

Het Europees Milieuagentschap werd in 1994 opgericht[1] om onafhankelijke en betrouwbare informatie over het milieu van Europa te verstrekken, ter ondersteuning van de beleidsvorming in Europa. Hiertoe werd besloten omdat gezamenlijk optreden een gemeenschappelijk inzicht in het betreffende probleem vergt. En zonder omvattende en vergelijkbare gegevens is het onmogelijk om gezamenlijk beleid te formuleren en de uitvoering ervan te volgen.

Naargelang beleidsbehoeften zich ontwikkelden, werden er in de loop van de tijd nieuwe gebieden aan ons werkterrein toegevoegd. Ook de reikwijdte van onze kennisbank, zowel in de tijd als in geografische zin, nam toe. Vandaag de dag analyseert het EEA niet alleen afzonderlijke mieuthema’s, zoals luchtkwaliteit, zwemwaterkwaliteit, landbedekking en afvalpreventie , broeikasgassen en de uitstoot van koolstofdioxide door nieuwe auto's en bestelwagens, maar voert ook ook integrale systeemanalyse uit op het vlak van klimaat en energie, het voedselsysteem en ongelijke maatschappelijke blootstelling aan gecombineerde milieueffecten. Eens in de vijf jaar produceren we bovendien ons overkoepelende verslag over de toestand van het milieu in Europa (state and outlook of Europe's environment report, SOER). In december van dit jaar zal SOER 2020 verschijnen. Afhankelijk van beleidsbehoeften zullen wij onze evaluaties en kennisvergaring verder blijven ontwikkelen.

 

Gegevens en technologie: veranderingen aangrijpen en kansen verkennen

In de begindagen kreeg het Agentschap gerapporteerde milieugegevens met de post of, later, per fax binnen. Tegenwoordig kunnen de lidstaten enorme hoeveelheden gegevens rechtstreeks indienen op Reportnet, ons elektronische rapportageplatform. Nadat de kwaliteit is gecontroleerd, worden deze gegevens beschikbaar gemaakt voor iedere gebruiker, mens of machine.

Een toenemend deel van de verzamelde gegevens is van geografisch-ruimtelijke informatie voorzien, aan de hand waarvan veranderingen in de loop van de tijd en over het hele continent in beeld kunnen worden gebracht. Wij kunnen nu inzoomen op een kaart, de beschermde gebieden in het EU-netwerk Natura 2000 bekijken en daar informatie aan ontlenen over beschermde soorten die daar leven. Sommige gegevens worden zelfs in real-time gerapporteerd en beschikbaar gemaakt. In heel Europa zijn inmiddels duizenden meetstations, die de concentraties van de belangrijkste luchtvervuilende stoffen meten, opgenomen in één netwerk. Al deze informatie is toegankelijk via de Europese luchtkwaliteitsindex, een gemeenschappelijk platform van EEA en de Europese Commissie.

Dankzij digitalisering en internet zijn hulpmiddelen die 25 jaar geleden nog onvoorstelbaar waren, vandaag de dag doodgewoon. En deze revolutie op het vlak van milieugegevens is nog in volle gang. Zo biedt Copernicus, het programma van de Europese Unie voor aardobservatie en -monitoring, talloze mogelijkheden om veranderingen in het milieu van Europa te monitoren met een mate van nauwkeurigheid en detail die 25 jaar geleden ondenkbaar was. Van de dichtheid van bebossing tot stedelijke wildgroei, de satellietgegevens van Copernicus vullen de waarnemingen op de grond aan, waardoor wij een volledig inzicht krijgen in wat er waar en waarom gebeurt.

Gezien de veranderingen die zich de afgelopen 25 jaar op het vlak van technologie en gegevensverzameling hebben voltrokken, kunnen we ervan uitgaan dat technologie – in de vorm van kunstmatige intelligentie, remote sensing, almaar toenemende rekenkracht enz. – bepalend zal blijven voor de manier waarop onze kennis tot stand komt en toegankelijk is.

 

Netwerk van mensen: ervaring, deskundigheid en gedrevenheid

EEA is niet alleen een kennishub die de werelden van wetenschap en beleid verbindt. Het is ook een netwerkorganisatie, die honderden spelers – milieuagentschappen en ministeries, overheidsinstanties en onderzoeksorganisaties – samenbrengt in het Europees milieuobservatie- en -informatienetwerk (Eionet). Wat ooit is begonnen als een netwerk van 12 EU-lidstaten en enkele tientallen medewerkers, omspant vandaag de dag 33 EEA-lidstaten en 6 meewerkende landen in heel Europa en honderden uiterst toegewijde medewerkers met een breed spectrum aan deskundigheidsgebieden. Eionet is van doorslaggevend belang geweest voor het tot stand brengen en in stand houden van regelmatige gegevensstromen uit heel Europa. Naast een sleutelrol op het vlak van gegevensvoorziening heeft Eionet vandaag de dag ook een belangrijke functie als kennisnetwerk voor het delen van ervaring en deskundigheid binnen de aangesloten organisaties. Ook partners en projecten buiten de EU, waaronder de landen van het Europees nabuurschapsgebied en het initiatief Human Biomonitoring for Europe (HBM4EU) profiteren van deze collectieve deskundigheid en ervaring van EEA en Eionet.

Milieu, beleid, kennis, gegevens, technologie en EEA/Eionet hebben allemaal de afgelopen 25 jaar veranderingen ondergaan en zullen ook in de toekomst blijven veranderen. Te midden van deze voortdurende groei, innovatie en verandering blijft één ding hetzelfde: de niet aflatende toewijding van de mensen in het Agentschap en zijn netwerken aan de verbetering van het milieu en daarmee aan de verbetering van de levenskwaliteit in Europa en daarbuiten.

Nu we dit jaar de 25e verjaardag van EEA vieren, staan wij samen met deze partners stil bij de bijdragen die wij hebben geleverd en nog willen leveren, en hoe wij gezamenlijk het best op veranderingen kunnen inspelen en kunnen helpen om een duurzaam Europa voor de lange termijn tot stand te brengen.

We zouden de volgende generatie niet een verder verslechterend milieu moeten nalaten, maar doorslaggevende actie moeten ondernemen om het tij te keren. Nu duizenden jongeren de straat op gaan om tot actie op te roepen en de Europeanen in meerderheid hun zorgen uiten over het milieu en de klimaatverandering, is het tijd voor doortastender maatregelen.

 Hans Bruyninckx

Hans Bruyninckx

Uitvoerend directeur EEA

Redactioneel commentaar gepubliceerd in de editie van juni 2019 van de EEA-nieuwsbrief 02/2019



[1] De verordening inzake de oprichting van het Europees Milieuagentschap werd in 1990 vastgesteld. EEA werd in 1994 operationeel.

Gerelateerde inhoud

Nieuws en artikelen

Gerelateerde kaarten

Temporal coverage

Documentacties
gearchiveerd onder: , ,
Artikelen
Menu
Abonnementen
Abonneren om onze verslagen (op papier en/of in elektronische vorm) en onze driemaandelijkse elektronische nieuwsbrief te ontvangen.
Volg ons