De toestand van het milieu in Europa 2020: er is dringend behoefte aan een koerswijziging om de problemen van de klimaatverandering het hoofd te bieden, de achteruitgang van het milieu terug te draaien en toekomstige welvaart te waarborgen

Taal wijzigen:
Nieuws Gepubliceerd 04-12-2019 Laatst gewijzigd 10-12-2019
Europa zal zijn doelstellingen voor 2030 niet halen als er de komende tien jaar niet snel actie wordt ondernomen om het alarmerende tempo van het biodiversiteitsverlies, de toenemende effecten van de klimaatverandering en het overmatig gebruik van natuurlijke hulpbronnen aan te pakken. Het vandaag gepubliceerde rapport van het Europees Milieuagentschap (EEA) over de toestand van het milieu wijst erop dat Europa geconfronteerd wordt met milieuproblemen van ongekende omvang en urgentie. Het rapport stelt echter dat er reden is voor hoop, gezien het toenemende publieke besef over de noodzaak van een duurzame toekomst, op technologische innovaties, en dankzij steeds meer gemeenschapsinitiatieven en krachtige EU-maatregelen zoals de Europese Green Deal.

Het milieu in Europa staat op een keerpunt. We hebben de komende tien jaar een goede gelegenheid om de maatregelen voor de bescherming van de natuur aan te scherpen, de gevolgen van de klimaatverandering te beperken en ons gebruik van natuurlijke rijkdommen drastisch te verminderen. 

Hans Bruyninckx, uitvoerend directeur van het Europees Milieuagentschap

Hoewel het Europese milieu- en klimaatbeleid de afgelopen decennia heeft bijgedragen tot een verbetering van het milieu, boekt Europa niet voldoende vooruitgang en zijn de vooruitzichten voor het komende decennium niet positief, zo blijkt uit het rapport ‘het milieu in Europa- toestand en verkenningen 2020 (SOER 2020)’.

SOER 2020 is de meest uitgebreide milieubeoordeling in Europa. Het rapport biedt een duidelijke momentopname van hoever Europa staat in de verwezenlijking van de beleidsdoelstellingen voor 2020 en 2030, de doelstellingen op langere termijn (2050) en de ambities om over te schakelen op een duurzame, koolstofarme toekomst. Het rapport stelt dat Europa de afgelopen twee decennia al aanzienlijke vooruitgang heeft geboekt bij het beperken van de klimaatverandering en het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen. Ook op andere gebieden zijn er tekenen van vooruitgang te zien, onder meer bij de bestrijding van de lucht- en watervervuiling en de invoering van nieuwe beleidsmaatregelen om plastic afval te verminderen en klimaatadaptatie, circulaire en bio-economie te bevorderen. Bovendien is het duurzame financieringsinitiatief van de EU het eerste in zijn soort dat de financiële sector betrekt bij het stimuleren van de noodzakelijke verschuiving naar een duurzame toekomst.

Dringende oproep voor het opschalen en versnellen van verandering

Hoewel deze resultaten belangrijk zijn, zal Europa zijn duurzaamheidsvisie van ‘Goed leven binnen de grenzen van de planeet’ niet kunnen verwezenlijken door de economische groei te blijven bevorderen en tegelijkertijd te proberen de sociale en milieueffecten onder controle te houden. Het rapport dringt er bij de Europese landen, leiders en beleidsmakers op aan om de kans te grijpen en in de komende tien jaar de inspanningen drastisch op te voeren om Europa weer op weg te helpen met zijn (middel)lange termijn milieudoelstellingen en zo onomkeerbare veranderingen en schade te voorkomen.

De huidige reeks Europese beleidsmaatregelen vormt een essentiële basis voor toekomstige vooruitgang, maar is niet voldoende. Europa moet de dingen beter doen, bepaalde problemen anders aanpakken en investeringen bijstellen.

Om de doelstellingen van Europa te bereiken, is een betere uitvoering en coördinatie van het huidige beleid nodig. Er zijn aanvullende beleidsmaatregelen nodig om fundamentele veranderingen te bewerkstelligen in de belangrijkste productie- en consumptiesystemen die ten grondslag liggen aan onze moderne levensstijl, zoals voedsel, energie en mobiliteit, welke een aanzienlijke invloed hebben op het milieu.

Het rapport benadrukt ook hoe belangrijk het is dat Europa werkt aan een transitie naar duurzaamheid en de zaken anders aanpakt. Zo moet Europa opnieuw nadenken over hoe het bestaande innovaties en technologieën gebruikt, hoe productieprocessen kunnen worden verbeterd, hoe onderzoek en ontwikkeling op het vlak van duurzaamheid kunnen worden aangemoedigd en hoe veranderingen in consumptiepatronen en levenswijzen kunnen worden gestimuleerd.

Tot slot zullen dergelijke veranderingen alleen maar bereikt kunnen worden indien er geïnvesteerd wordt in een duurzame toekomst en er niet langer overheidssubsidies verleend worden voor milieubelastende activiteiten. Europa zal enorm gebaat zijn bij andere investeringsprioriteiten en de economische en sociale kansen die het zo kan creëren. Tegelijkertijd zal er goed geluisterd moeten worden naar de zorgen van de burgers en moet een dergelijke verschuiving - een sociaal rechtvaardige transitie - brede steun krijgen.

Het rapport over de toestand van het milieu is perfect getimed om ons die extra impuls te geven die we nodig hebben bij de start van een nieuwe termijn van de Europese Commissie en bij de voorbereiding van de Europese Green Deal. In de komende vijf jaar zullen we een echt vernieuwende agenda ontwikkelen, nieuwe schone technologieën gaan toepassen, burgers helpen zich aan te passen aan nieuwe arbeidskansen en veranderende industrieën, en overstappen op schonere en efficiëntere mobiliteitssystemen en duurzamere voeding en landbouw. Als we dit goed aanpakken, zal dit voor Europa en voor de Europeanen talrijke voordelen opleveren en worden zowel onze economie als onze planeet er beter van. “Dit is een dringende mondiale uitdaging en een unieke kans voor Europa

Frans Timmermans, eerste vicevoorzitter van de Europese Commissie

 

“Het milieu in Europa staat op een keerpunt. We hebben de komende tien jaar een goede gelegenheid om de maatregelen voor de bescherming van de natuur aan te scherpen, de gevolgen van de klimaatverandering te beperken en ons gebruik van natuurlijke rijkdommen drastisch te verminderen. Uit onze beoordeling blijkt dat de geleidelijke veranderingen op sommige gebieden tot vooruitgang hebben geleid, maar dat deze bij lange na niet voldoende zijn om onze langetermijndoelstellingen te halen. We beschikken over de noodzakelijke kennis, technologieën en instrumenten om belangrijke productie- en consumptiesystemen zoals voedsel, mobiliteit en energie duurzaam te maken. Ons toekomstig welzijn en onze welvaart hangen hiervan af, maar berusten tevens op ons vermogen om maatschappelijke initiatieven op te zetten die verandering teweegbrengen en een betere toekomst creëren", aldus Hans Bruyninckx, uitvoerend directeur van het Europees Milieuagentschap.

De toestand van het milieu is verslechterd, de vooruitzichten zijn gemengd

De algemene milieutrends in Europa zijn niet verbeterd sinds het laatste rapport van het Europees Milieuagentschap over de toestand van het milieu in 2015. De evaluatie geeft aan dat de meeste doelstellingen voor 2020 weliswaar niet zullen worden gehaald, met name die op het gebied van biodiversiteit, maar dat er nog steeds een kans is om de langetermijndoelstellingen voor 2030 en 2050 te halen.

Europa heeft aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van efficiënte benutting van hulpbronnen en circulaire economie. Recente trends wijzen evenwel op een vertraging van de vooruitgang op gebieden zoals de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen, industriële emissies, afvalproductie, verbetering van de energie-efficiëntie en het aandeel van hernieuwbare energie. Het huidige tempo van de vooruitgang zal niet volstaan om de klimaat- en energiedoelstellingen voor 2030 en 2050 te halen.

Wat de bescherming en het behoud van de Europese biodiversiteit en natuur betreft, zijn de resultaten nog steeds weinig bemoedigend. Van de dertien specifieke beleidsdoelstellingen die voor 2020 op dit vlak zijn vastgesteld, zullen er waarschijnlijk slechts twee worden gehaald: de aanwijzing van beschermde mariene gebieden en beschermde gebieden op het land. Als de huidige trends zich voortzetten, zal dit tegen 2030 leiden tot een verdere aantasting van de natuur en verdere vervuiling van lucht, water en bodem.

De gevolgen van klimaatverandering, luchtverontreiniging en geluidsoverlast voor het milieu en de gezondheid van de mens zijn nog altijd verontrustend. De blootstelling aan fijnstof is in Europa verantwoordelijk voor ongeveer 400 000 vroegtijdige sterfgevallen per jaar, waarbij de landen in Midden- en Oost-Europa onevenredig zwaar worden getroffen. Er is ook toenemende bezorgdheid over chemische stoffen en de daaraan verbonden gevaren. Als we een blik in de toekomst werpen, dan zouden de prognoses voor de terugdringing van milieurisico’s voor de gezondheid verbeteren door een betere integratie van het milieu- en gezondheidsbeleid.

Tabel ES.1     Samenvatting van ontwikkelingen in het verleden, verwachtingen en vooruitzichten voor de verwezenlijking van beleidsdoelstellingen/streefcijfers

Opmerking: Het jaar voor de doelstellingen/streefcijfers geeft niet het exacte streefjaar aan, maar de tijdshorizon van de doelstellingen/streefcijfers.


Trends en prognoses van broeikasgasemissies in de EU-28, 1990-2050

Trends en prognoses van broeikasgasemissies in de EU-28, 1990-2050


Bron: SOER 2020 p.158

Een duurzame toekomst is nog mogelijk: wat moeten we doen?

Het is nog steeds mogelijk om Europa's visie van een koolstofarme en duurzame ontwikkeling te verwezenlijken. In het rapport worden zeven belangrijke aandachtsvelden geschetst waarbinnen krachtdadige maatregelen nodig zijn om Europa weer op weg te helpen om de doelstellingen en ambities voor 2030 en 2050 te verwezenlijken.

  1. Het onvervulde potentieel van het bestaande milieubeleid benutten. Met de volledige uitvoering van het bestaande beleid zou Europa een heel eind op weg zijn naar de verwezenlijking van de milieudoelstellingen in 2030.
  2. Duurzaamheid als kader voor beleidsvorming. De ontwikkeling van langjarige beleidskaders met bindende doelstellingen - te beginnen met het voedselsysteem, chemische stoffen en landgebruik - zal coherente acties op verschillende beleidsgebieden en in de samenleving stimuleren en sturen.
  3. Toonaangevende internationale acties op weg naar duurzaamheid. De EU moet haar diplomatieke en economische invloed aanwenden om de totstandkoming van ambitieuze internationale overeenkomsten op gebieden als biodiversiteit en gebruik van hulpbronnen te bevorderen.
  4. Innovatie in de hele samenleving bevorderen. Een koersverandering zal cruciaal zijn voor het ontstaan en de verspreiding van diverse vormen van innovatie die tot nieuwe manieren van denken en leven kunnen leiden.
  5. Investeringen opvoeren en de financiële sector heroriënteren om duurzame projecten en bedrijven te ondersteunen. Dit betekent investeren in de toekomst door optimaal gebruik te maken van overheidsmiddelen ten behoeve van innovatie en milieuvriendelijke oplossingen, alsook duurzaam inkopen en getroffen sectoren en regio's ondersteunen. Het betekent ook dat de financiële sector betrokken moet worden bij duurzame investeringen door het uitvoeren van en voortbouwen op het EU-actieplan voor duurzame financiering.
  6. Risico’s beheren en zorgen voor een sociaal rechtvaardige transitie. Voor een succesvolle overgang naar duurzame ontwikkeling is het noodzakelijk dat de samenleving de potentiële risico’s, kansen en afwegingen erkent en manieren bedenkt om ermee om te gaan. Het beleid van de EU en de lidstaten is van cruciaal belang bij het bereiken van ‘rechtvaardige transities’ en moet ervoor zorgen dat niemand wordt uitgesloten.
  7. Meer kennis en knowhow ontwikkelen. Dit houdt in dat extra inspanningen geleverd moeten worden om inzicht te krijgen in systemen die milieudruk veroorzaken, manieren waarop duurzaamheid kan worden bereikt, over veelbelovende initiatieven naar een duurzame transitie, maar ook factoren die verandering in de weg staan. Er is verdere kennisontwikkeling nodig om in een snel veranderende wereld te kunnen navigeren en om dit te realiseren zal geïnvesteerd moeten worden in onderwijs en vaardigheden.

Achtergrond - Noot voor de redactie

Het rapport ‘het milieu in Europa- toestand en verkenningen ’ wordt om de vijf jaar gepubliceerd door het Europees Milieuagentschap (EEA) zoals voorgeschreven in de verordening (EG) Nr. 401/2009 van het Europees Parlement en de Raad. SOER 2020 is het zesde SOER dat het EEA sinds 1995 heeft gepubliceerd. Het biedt solide, wetenschappelijk onderbouwde inzichten over hoe we moeten reageren op de enorme en complexe uitdagingen waar we voor staan, zoals klimaatverandering, verlies van biodiversiteit en lucht- en waterverontreiniging. SOER 2020 is opgesteld in nauwe samenwerking met het Europees Milieuobservatie- en -informatienetwerk (Eionet) van het EEA. Het rapport is gebaseerd op de uitgebreide expertise van het Eionet, dat bestaat uit vooraanstaande milieudeskundigen en -wetenschappers in de 33 lidstaten van het EEA en de zes meewerkende landen.

Eveneens beschikbaar:

Volledig rapport SOER 2020 - Geïntegreerde beoordeling

Samenvatting SOER 2020 (vertalingen beschikbaar)

Websamenvatting SOER 2020


Temporal coverage

Documentacties