Industrie

Taal wijzigen:
Pagina Laatst gewijzigd 18-05-2016 11:57
De milieu-efficiëntie van de Europese industrie is in de afgelopen decennia verbeterd. Voor deze ontwikkeling zijn verschillende oorzaken aan te wijzen: strengere milieuwetgeving, verhoging van de energie-efficiëntie, een algemene tendens in de Europese industrie weg van bepaalde zware en sterker vervuilende productievormen en deelname van ondernemingen aan vrijwillige initiatieven ter vermindering van hun milieu-impact. Ondanks deze verbeteringen is de industrie vandaag de dag nog steeds verantwoordelijk voor een significante milieudruk in de vorm van vervuiling en afval.

De verschillende industrietakken in Europa hebben tal van belangrijke economische en sociale voordelen: zij leveren goederen en producten en creëren werkgelegenheid en belastinginkomsten. Evenwel zijn de grootste industrie-installaties van Europa verantwoordelijk voor een aanzienlijk deel van de totale uitstoot van de voornaamste broeikasgassen en luchtverontreinigende stoffen, en voor andere ernstige milieubelastingen, onder meer in de vorm van water- en bodemverontreiniging, afvalproductie en energiegebruik.

EU-beleid

De industrie vormt een belangrijk deel van de Europese economie, maar is tevens een bron van vervuiling. Al jaren beperkt milieuregelgeving de schadelijke invloed van deze vervuiling op de menselijke gezondheid en het milieu. Het EU-beleid dat momenteel wordt toegepast om industriële vervuiling tegen te gaan, omvat onder meer het volgende:

  • In de richtlijn inzake industriële emissies (IED) is vastgelegd welke verplichtingen de circa 50 000 grote industriële installaties moeten nakomen om verontreinigende emissies in lucht, water en bodem te voorkomen of te minimaliseren. Ook verplicht de richtlijn deze installaties ertoe de hoeveelheid afval die ze produceren te verminderen. Voor bepaalde activiteiten, namelijk grote stookinstallaties, afvalverbrandings- en afvalmeeverbrandingsinstallaties, activiteiten waarbij oplosmiddelen worden gebruikt en de productie van titaniumdioxide, legt de richtlijn grenswaarden voor de emissie van bepaalde specifieke verontreinigende stoffen vast die in de gehele EU van kracht zijn.
  • De richtlijn inzake middelgrote stookinstallaties reguleert met ingang van 2018 emissies van zwaveldioxide (SO2), stikstofoxides (NOX) en bij het stoken van brandstoffen vrijkomend stof voor installaties met een nominaal thermisch vermogen gelijk aan of groter dan 1 megawatt (MWth) en kleiner dan 50 MWth.
  • In de kaderrichtlijn inzake ecologisch ontwerp zijn regels vastgelegd die in de gehele EU van kracht zijn ter verbetering van de energie-efficiëntie van producten, bijvoorbeeld huishoudelijke apparaten, informatie- en communicatietechnologieën of producten op het gebied van mechanische techniek.
  • Het systeem van de Europese Unie voor de handel in emissierechten (EU ETS) reduceert de uitstoot van broeikasgassen van meer dan 12 000 elektriciteitscentrales en fabrieken in 31 landen en beperkt emissies in de luchtvaart. Het systeem is van toepassing op ongeveer 45% van de broeikasgasemissies binnen de EU.
  • De kaderrichtlijn water verplicht de lidstaten ertoe de verontreiniging van het water met zogenoemde 'prioriteitsstoffen' geleidelijk terug te dringen . Tevens verplicht de kaderrichtlijn de lidstaten ertoe emissies, lozingen en verliezen van zogenoemde 'prioritaire gevaarlijke stoffen', die nog gevaarlijker zijn dan prioriteitsstoffen, stop te zetten of geleidelijk te beëindigen.
  • De richtlijn inzake de behandeling van stedelijk afvalwater beschermt het milieu tegen de schadelijke gevolgen van lozingen van stedelijk afvalwater en bepaalde industriële sectoren.

 

Informatie over industriële vervuiling is in de afgelopen decennia aanmerkelijk beter toegankelijk geworden voor het algemeen publiek. Met name het Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen (E-PRTR) is een veelomvattend register van emissies en overbrengingen van vervuilende stoffen die verband houden met grote industriële activiteiten. Het register bevat over meer dan 30 000 industriële installaties in 33 Europese landen informatie met betrekking tot de hoeveelheden emissies van verontreinigende stoffen in water, lucht of bodem, alsook met betrekking tot de overbrenging van afval en vervuilende stoffen in afvalwater van het bedrijfsterrein naar elders.

 

Duurzaamheidsinitiatieven

Duurzaamheidscriteria met beperking tot de effecten van de industrie op het milieu werden eveneens ingevoerd. Voorbeelden van dergelijke initiatieven in de industriële sector zijn de weidverspreide milieuzorgsystemen de vele bedrijven hebben ingevoerd via het Europees Milieumanagement- en Audit Schema (EMAS) en ISO 14001 certificatie.

Ook zijn er vrijwillige initiatieven op het terrein van maatschappelijk verantwoord ondernemen geïntroduceerd om sociale en milieudoelstellingen te realiseren die verder gaan dan de wettelijke vereisten. Voorbeelden zijn het initiatief Responsible Care van de chemische industrie, het Global e-Sustainability Initiative (GeSI), het Materials Stewardship Policy van de International Council on Mining and Metals en het zakelijk netwerk CSR Europe.

Op het niveau van het EU-beleid hanteert de Commissie een strategie op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). Op internationaal niveau biedt de ISO 26000-norm een leiddraad voor ondernemingen en organisaties.

 

Activiteiten van het EMA

Het Europees Milieuagentschap (EMA) ondersteunt de uitvoering en evaluatie van EU-beleid op het gebied van industriële vervuiling. Tevens ondersteunen we de ontwikkeling van langetermijnstrategieën ter beperking van de nadelige invloed die de sector heeft op het milieu en de volksgezondheid.

Gegevens op het gebied van industriële emissies

Het Europees Milieuagentschap ondersteunt de EU bij het formuleren van langetermijnstrategieën ter vermindering van de milieudruk van de industriële sector, door evaluaties te verrichten en aan beleidsmakers informatie te verstrekken. Tot onze belangrijkste activiteiten en producten behoort het beschikbaar maken van gegevens die door Europese landen als onderdeel van hun verslagleggingsverplichtingen uit hoofde van Europese wetgeving worden gerapporteerd, waaronder:

  • emissiegegevens betreffende grote stookinstallaties en informatie die is opgenomen in het Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen (E-PRTR);
  • rapportering over ozonaantastende stoffen in Europa wat betreft de handel erin en de productie en het verbruik ervan, alsook verstrekking van de meest recente gegevens die bedrijven in de EU krachtens de EU-verordening inzake ozonaantastende stoffen moeten indienen;
  • samenstelling van het jaarlijkse verslag van de EU inzake ozonaantastende stoffen in het kader van het Protocol van Montreal;
  • rapportering over het gebruik van gefluoreerde gassen binnen de EU (F-gassen) en verstrekking van de meest recente gegevens die bedrijven in de EU krachtens de verordening inzake gefluoreerde broeikasgassen moeten indienen;
  • rapportering over de toepassing van het emissiehandelssysteem van de EU in de lidstaten;
  • verlening van praktische ondersteuning aan landen en bedrijven op het gebied van de rapportering van gegevens die verband houden met industriële emissies.

 

Stroomlijnen van de rapportering

Het EMA ondersteunt de EU bij de ontwikkeling van initiatieven voor een betere stroomlijning van de rapportering over industriële emissies. Tot deze initiatieven behoren onder andere initiatieven ter harmonisering en vereenvoudiging van de rapportering over industriële emissies voor EU-lidstaten en -bedrijven ondanks verschillen in wetgeving.

 

Evaluaties en verslagen

Het Europees Milieuagentschap publiceert verschillende evaluatieverslagen waarin wordt ingegaan op de invloed die de industriesector in Europa op het milieu heeft. Het EEA brengt onder andere iedere vijf jaar een verslag uit met de naam ‘Het milieu
in Europa – Toestand en verkenning’ (SOER)
, naast meer specifieke verslagen.

De activiteiten van het EMA op het gebied van industriële vervuiling worden uitgevoerd in nauwe samenwerking met het Europees Thematisch Centrum inzake luchtverontreiniging en beperking van de klimaatverandering (ETC/ACM) en het landennetwerk van het EEA (Eionet).

 

Vooruitzichten

Om in de toekomst de transitie naar een groenere Europese industriesector te kunnen bewerkstelligen is een geïntegreerde aanpak noodzakelijk met een focus opde beperking van milieuverontreiniging bij de bron en die de verandering van bestaande bedrijfspraktijken en de invoering van nieuwe innovatieve technologieën stimuleert.

Onder beleidsmakers geldt de verbetering van Europa's kennisbestand op het vlak van industriële verontreiniging als een prioriteit. In overeenstemming met het Verdrag van Aarhus bevat het zevende milieuactieprogramma onder andere als doelstelling een grotere en efficiëntere beschikbaarstelling van informatie over de uitvoering van wetgeving inzake de beperking van milieuverontreiniging. De richtlijn inzake industriële emissies verplicht de lidstaten ertoe betere geconsolideerde informatie te verstrekken over industriële installaties.

De volledige uitvoering van de versterkte wetgeving zal de beperking van industriële emissies vergemakkelijken.

  • De richtlijn inzake industriële emissies (IED) zal leiden tot striktere beperkingen voor de industrie dan de richtlijn inzake de preventie en bestrijding van industriële verontreiniging (IPPC richtlijn). Deze beperkingen zullen gebaseerd zijn op het principe van de 'beste beschikbare techniek' voor een breder scala aan industriële activiteiten dan de IPPC richtlijn, alsmede op de tenuitvoerlegging van de emissiegrenswaarden van de IED richtlijn, in het bijzonder die voor grote stookinstallaties, die strikter zijn dan die van de richtlijn inzake grote stookinstallaties (2001/80/EG).
  • De richtlijn inzake middelgrote stookinstallaties zal de uitstoot van de belangrijke luchtvervuilende stoffen SO2, NOX en PM jaarlijks significant terugdringen.

Voor de uitstoot van broeikasgassen is het EU ETS systeem ontwikkeld om de invoering van koolstofarme technologie in de industriesector een impuls te geven. In 2020 zullen de emissies uit sectoren die onder het emissiehandelssysteem van de EU vallen met 21% zijn teruggebracht ten opzichte van 2005. In 2030 zullen de emissies met 43% zijn teruggebracht, in overeenstemming met de conclusies van de Europese Raad van oktober 2014.

Wat de langere termijn betreft, geeft het  Commissie stappenplan voor efficiënt hulpbronnengebruik in Europa aan hoe de Europese economie ervoor kan zorgen dat ze duurzaam is in 2050. Het stappenplan stelt manieren voor om het hulpbronnengebruik efficiënter te maken en groei los te koppelen van hulpbronnengebruik, zonder dat daarbij uitsluitend op één bepaalde technologie wordt ingezet. Aan de hand van deze voorstellen wordt voor 2050 een reductie van de uitstoot van broeikasgassen van 80% ten opzichte van de niveaus in 1990 in het vooruitzicht gesteld. Het in 2015 voorgestelde kringloopeconomiepakket biedt een actieprogramma met maatregelen die de gehele cyclus bestrijken, van productie en consumptie tot afvalbeheer en de markt voor secundaire grondstoffen. Tot deze maatregelen behoren onder andere het opnemen van leiddraden voor een circulaire economie en beste praktijken op het gebied van hergebruik van water in relevante referentiedocumenten op het gebied van 'beste beschikbare technieken' in het kader van de IED richtlijn.

De Commissie voert momenteel in het kader van het programma voor gezonde en resultaatgerichte regelgeving (REFIT) een evaluatie uit van de verordening betreffende het Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen (E-PRTR), om na te gaan in welke mate de wetgeving nog steeds ter zake doet. Naar verwachting wordt de evaluatie eind 2016 gepubliceerd. Bovendien wordt er een brede geschiktheidscontrole aangaande het toezicht op en de rapportering over milieuwetgeving uitgevoerd met het oog op de vaststelling van concrete maatregelen om dat toezicht en die rapportering te stroomlijnen en ervoor te zorgen dat ze weinig administratieve last meebrengen en veel effect sorteren. Naar verwachting worden de resultaten, inclusief mogelijke suggesties voor verdere maatregelen, eind 2017 gepresenteerd.

 

Verwante links

Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen (E-PRTR)

Gegevens grote stookinstallaties

DG Milieu van de Europese Commissie – Industriële emissies

DG Klimaat van de Europese Commissie – Strategieën

Europees Thematisch Centrum inzake luchtverontreiniging en beperking van de klimaatverandering (ETC/ACM)

Geographic coverage

Europe
Abonnementen
Abonneren om onze verslagen (op papier en/of in elektronische vorm) en onze driemaandelijkse elektronische nieuwsbrief te ontvangen.
Volg ons
 
 
 
 
 
Europees Milieuagentschap (EMA)
Kongens Nytorv 6
1050 Kopenhagen K
Denemarken
Telefoon: +45 3336 7100