Persoonlijke hulpmiddelen

Kennisgevingen
Krijg meldingen over nieuwe rapporten en producten. Frequentie: 3-4 e-mails/maand.
Abonnementen
Abonneren om onze verslagen (op papier en/of in elektronische vorm) en onze driemaandelijkse elektronische nieuwsbrief te ontvangen.
Volg ons
Twitter icoon Twitter
Facebook icoon Facebook
YouTube-icoon YouTube kanaal
RSS-logo RSS-feed
Meer

Write to us Write to us

For the public:


For media and journalists:

Contact EEA staff
Contact the web team
FAQ

Call us Call us

Reception:

Phone: (+45) 33 36 71 00
Fax: (+45) 33 36 71 99


volgende
vorige
items

Ga naar inhoud. | Ga naar navigatie

Sound and independent information
on the environment

U bent hier: Home / Signalen 2013 – Bij elke ademhaling / Signalen 2012 / Artikelen / De weg naar mondiale duurzaamheid

De weg naar mondiale duurzaamheid

Taal wijzigen:
Dankzij veertig jaar milieubeheer beschikken we nu over instellingen waarmee we in staat zijn milieuproblemen beter te begrijpen en aan te pakken. Twintig jaar na de Wereldmilieutop van 1992 komen de wereldleiders nu opnieuw bijeen in Rio de Janeiro om de eerder aangegane toezegging voor een groene economie te herhalen en het mondiale milieubeheer te verbeteren.
India

India  Image © Thinkstock

Bij de VN-conferentie over het menselijke leefmilieu, die in 1972 in Stockholm werd gehouden, kwam de internationale gemeenschap voor het eerst bijeen om over milieu- en ontwikkelingsvraagstukken te praten. Na afloop van deze conferentie werd het Milieuprogramma van de Verenigde Naties (UNEP) opgericht — dat in 2012 zijn veertigjarig bestaan viert — en werden in veel landen milieuministeries ingesteld.

Duurzame ontwikkeling betekent voor iedereen wat anders. Een historische definitie uit 1987 beschrijft het als volgt: “Ontwikkeling die voorziet in de behoeften van de huidige generatie zonder daarmee voor toekomstige generaties de mogelijkheden in gevaar te brengen om ook in hun behoeften te voorzien” (uit: “Our Common Future”, verslag van de Commissie Brundtland). Bij deze “behoeften” gaat het niet alleen om economische behoeften. Ze hebben ook betrekking op de milieu-en sociale fundamenten van de welvaart in de wereld.

In juni 1992 kwamen besluitvormers uit 172 landen in Rio de Janeiro bijeen voor de conferentie van de Verenigde Naties over milieu en ontwikkeling. Hun boodschap was duidelijk: “niets minder dan een radicale verandering van onze houding en ons gedrag zal de noodzakelijke veranderingen teweegbrengen”. De top van 1992 was een keerpunt en maakte milieu- en ontwikkelingsvraagstukken onderwerp van publiek debat.

De Wereldmilieutop legde de basis voor tal van belangrijke internationale overeenkomsten over het milieu:

  • Agenda 21 — Een actieplan voor duurzame ontwikkeling
  • Verklaring van Rio inzake milieu en ontwikkeling
  • Bossenverklaring
  • Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering
  • Biodiversiteitsverdrag
  • Verdrag ter bestrijding van woestijnvorming


Precies twintig jaar na de historische top van Rio komt de wereld opnieuw bijeen om te praten over hoe het nu verder moet. De Wereldmilieutop van 2012 wordt de vierde top van zijn soort en is opnieuw een mijlpaal in de internationale inspanningen om te komen tot duurzame ontwikkeling. De groene economie en mondiaal milieubeheer staan bovenaan de agenda.

Ik spreek voor meer dan de helft van de wereldbevolking. We zijn de zwijgende meerderheid. U hebt ons een stoel in deze zaal gegeven, maar onze belangen komen niet aan de orde. Wat heb je nodig om aan dit spel te mogen meedoen? Lobbyisten? Invloed? Geld? Jullie onderhandelen al zo lang als ik leef. In die tijd zijn toezeggingen niet nagekomen, doelstellingen niet gehaald en beloftes verbroken.

Anjali Appadurai, student aan het College of the Atlantic, namens een groep niet-gouvernementele organisaties van jongeren, op 9 december 2011 in Durban, Zuid-Afrika.
Slotdag van de Klimaatconferentie van de Verenigde Naties

Er bestaat geen snelle en gemakkelijke weg naar duurzaamheid. De overgang vraagt om een collectieve inspanning van zowel beleidsmakers als ondernemingen en burgers. In sommige gevallen moeten beleidsmakers zorgen voor innovatieprikkels of voor steunregelingen voor milieuvriendelijke ondernemingen.

In andere gevallen moeten consumenten wellicht de extra kosten van duurzamere productieprocessen gaan dragen. Misschien moeten consumenten ook meer eisen gaan stellen aan de fabrikanten van hun favoriete producten of voor duurzamere producten kiezen. En bedrijven moeten schone productieprocessen gaan ontwikkelen en die wereldwijd gaan exporteren.

Complexe problemen, complexe oplossingen

De complexiteit van de mondiale besluitvormingsstructuren weerspiegelt de complexiteit die we in het milieu zien. Het is moeilijk het juiste evenwicht te vinden tussen wetgeving, particuliere initiatieven en consumentenkeuzes. Net zo moeilijk is het om te bepalen op welk niveau actie moet worden ondernomen, waarbij de mogelijkheden variëren van lokaal tot mondiaal.

Milieubeleid heeft een groter effect als het op verschillende niveaus wordt bepaald en uitgevoerd. Wat het ‘juiste’ beleids-en uitvoeringsniveau is, hangt af van het milieuvraagstuk. Neem bijvoorbeeld waterbeheer. Drinkwater is een lokale hulpbron die gevoelig is voor mondiale milieudruk.

Copyright: Thinkstock

Zo wordt in Nederland het waterbeheer uitgevoerd door lokale overheden, maar de wetten die op het waterbeheer van toepassing zijn, worden niet op lokaal maar op nationaal en Europees niveau vastgesteld. Bij het Nederlandse waterbeheer moet niet alleen rekening worden gehouden met lokale problemen maar ook met wat er in de landen stroomopwaarts gebeurt. Verder moeten de waterschappen bij het opstellen van hun plannen rekening houden met een verwachte stijging van de zeespiegel door de opwarming van de aarde.

De meeste van de bestaande mondiale beleidsplannen en instellingen, waaronder het UNEP, zijn opgericht omdat lokale of nationale oplossingen tekortschoten. Verwacht werd dat mondiale of internationale samenwerking tot betere resultaten zou leiden. Zo werd na de Stockholm-conferentie het UNEP opgericht omdat de deelnemers het erover eens waren dat sommige milieuvraagstukken beter op mondiaal niveau konden worden aangepakt.

Hernieuwde inzet nodig

Copyright: ShutterstockDankzij de globalisering van de handel kunnen velen van ons tegenwoordig het hele jaar door tomaten en bananen eten en producten kopen waarvan de bestanddelen afkomstig zijn uit de hele wereld. Dit brengt tal van voordelen mee, maar ook potentiële risico’s. Verontreiniging die elders is veroorzaakt, kan uiteindelijk terechtkomen in onze achtertuin. Deze connectiviteit betekent dat we ons niet kunnen onttrekken aan onze verantwoordelijkheid voor het mondiale milieu.

Het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering (UNFCCC) was een van de belangrijke resultaten van de Wereldmilieutop van 1992 in Rio. Dit verdrag is gericht op het stabiliseren van de emissie van broeikasgassen, die bijdragen aan klimaatverandering. Het succes van veel internationale overeenkomsten zoals het UNFCC, is afhankelijk van de inzet van de betrokken partijen. Als slechts een beperkt aantal landen zulke overeenkomsten ondertekent, zal het milieu waarschijnlijk niet effectief kunnen worden beschermd, zelfs als die landen de beginselen van een ‘groene economie’ volledig onderschrijven.

De top van dit jaar biedt de gelegenheid de inzet voor mondiale duurzaamheid te hernieuwen. Of we nu burger, consument, topondernemer of beleidsmaker zijn, we zijn allemaal verantwoordelijk voor onze acties — of voor ons gebrek aan actie.

Uit de Verklaring van Rio inzake milieu en ontwikkeling

Conferentie van de Verenigde Naties over milieu en ontwikkeling, 3-14 juni 1992, Rio de Janeiro, Brazilië

  • Beginsel 1: Mensen staan centraal in de zorg voor duurzame ontwikkeling. Ze hebben recht op een gezond en productief leven in harmonie met de natuur.
  • Beginsel 2: Staten hebben, overeenkomstig het Handvest van de Verenigde Naties en de beginselen van internationaal recht, het soevereine recht hun eigen natuurlijke hulpbronnen te exploiteren volgens hun eigen milieu- en ontwikkelingsbeleid, alsmede de verantwoordelijkheid ervoor te zorgen dat activiteiten die onder hun rechtsmacht of toezicht vallen geen schade veroorzaken aan het milieu van andere staten of van gebieden die onder geen enkele nationale rechtsmacht vallen.
  • Beginsel 3: Het recht op ontwikkeling moet zodanig worden gerealiseerd dat op rechtvaardige wijze wordt voorzien in de behoeften op het gebied van ontwikkeling en milieu van zowel huidige als toekomstige generaties.
  • Beginsel 4: Teneinde duurzame ontwikkeling te bereiken, dient milieubescherming een geïntegreerd bestanddeel van het ontwikkelingsproces te vormen en niet afzonderlijk daarvan te worden beschouwd.
  • Beginsel 5: Alle staten en alle mensen moeten samenwerken bij de cruciale taak van het uitroeien van armoede als een essentiële voorwaarde voor duurzame ontwikkeling, om de verschillen in levensstandaard te verminderen en beter te voorzien in de behoeften van het merendeel van de wereldbevolking.

Voor meer informatie

Geographical coverage

[+] Show Map

gearchiveerd onder:

Opmerkingen

Meld je nu aan
Krijg meldingen over nieuwe rapporten en producten. Momenteel hebben we 33031 abonnees. Frequentie: 3-4 e-mails / maand.
Bekendmakingen archief
Volg ons
 
 
 
 
 
Europees Milieuagentschap (EMA)
Kongens Nytorv 6
1050 Kopenhagen K
Denemarken
Telefoon: +45 3336 7100